Hallo,

Leuk dat je hier bent! Ik ben Yvonne. Begin 30, PhD student, sportief, doe een poging tot muzikaliteit en gezond leven en blog over de dingen die me bezig houden. Wees welkom en voel je vrij om te reageren.

Laatste artikelen

Na Aveiro en omgeving in twee dagen verkend te hebben, bracht de road trip me in een dag via het strand van São Martinho do Porto, het middeleeuwse stadje Óbidos en het fort van Peniche naar Lissabon. De dag erna brachten we door in het prachtige Sintra, waar absurde palácios en oude kasteelruïnes boven prachtige bossen uittorenen. We sloten de dag af bij Cabo da Roca: het meest westelijke puntje van het Europese vaste land. De dag erna was het voor Bruna weer tijd om aan het werk te gaan en namen we afscheid. Ik bezocht Belém, wat tevens het enige deel van Lissabon is dat ik in daglicht heb gezien, om vervolgens een bus te pakken naar Porto Côvo..


Ik hoor het mezelf nog zo zeggen: 'ik ga niet hiken met mijn backpack op ofzo' (op de vraag of ik wel kon backpacken met mijn schouderblessure).

Toch haalde ik het in mijn hoofd. Ik liep vandaag een stukje van de Trilho dos Pescadores (Fishermen's trai, deel van de Rota Vicentina) van Porto Côvo naar Vila Nova de Milfontes: 20 kilometer langs stranden, kliffen en duinen. Ik ging op pad met het idee dat ik gewoon zou beginnen en wel zou kijken hoeveel etappes ik af ging leggen (en of er niet twee op een dag passen). Ik zag ruige kliffen en lieftallige velden met wilde bloemen. Na zes uur stappen met ruim 20 kilo op mij rug door mul zand en stevige wind had ik de eerste etappe achter de rug en besloot ik het daarbij te laten. Niet alleen omdat het zwaar was, maar ook omdat ik nog zo veel andere dingen wil zien, de busverbindingen hier erg schaars zijn (één bus per dag) en ik zondag in Portimão heb afgesproken met geïmporteerde local Francesca. Eenmaal aangekomen hoorde ik had ik het zwaarste deel van de trail heb gelopen en het toch wel afgeraden wordt om dat met zware bepakking te doen. Waarop ik besloot dat ik heus wel een tweede ijsje verdiend had.




Reacties

Mijn dagtripje bestond uit het zitten in een trein en naar buiten staren. De trein bracht me naar Pocinho, waar niets te doen is behalve een ijsje halen en wachten tot de trein weer terug gaat. Heerlijk lui en daardoor enorm vermoeiend. Helaas was het bewolkt (ik ben verwend), maar nog steeds mooi. Groene heuvels, wijnboerderijen en minuscule dorpjes met nog kleinere stationnetjes.

Langzaam aan begin ik te wennen aan het Portugees en kan ik er af en toe uit halen waar een gesprek over gaat. Verder wordt er hier ook in het Spaans (leuk!) en het Frans (vooral blijven proberen..) tegen me aan gepraat. En het gaat ook allemaal samen in de blender hier. Het is een uitdaging zeg maar. En hilarisch zo nu en dan.

Vandaag vertrek ik richting Aveiro. Het begin van de road trip met Portugese collega en vriendin Bruna. Heb ik meteen een tolk bij me..



Reacties

Twee dagen vermaak werd er maar eentje. Het nadeel van reizen met het openbaar vervoer: niet alle wandelpaden zijn makkelijk bereikbaar. Extra mijn ogen uit kijken tijdens het hiken dus. Over rotsen, door bos, langs een meer en door een klein dorpje. Onderweg werd ik bijna besprongen door een pad tijdens mijn lunch, schoot er een slang van minimaal 40 cm voor mijn voeten weg en stapte ik bijna bovenop een andere soort van half zo groot. Het geritsel in de struiken werd ineens nog interessanter, maar het is er bij twee gebleven.

Hoewel alleen het opzetten van mijn tentje al een grote glimlach op mijn gezicht bracht, kijk ik na twee frisse nachten met mijn backpack als matje wel weer uit naar een bed. Vandaag trok ik dus weer naar de stad. Guimarães om precies te zijn. Een mooie stad met veel kleine straatjes, grote pleinen en de rally van Portugal die langs reed. Het is hier gezellig. En met hier bedoel ik bij de onderburen, want het bijna lege hostel zit boven een bar die tot 2 uur open is. Dat had ik even kunnen checken natuurlijk...

Afijn, ik blijf hier maar een nachtje. Morgen bekijk ik de stad nog wat beter en daarna ga ik terug naar Porto. Niet omdat ik daar nog niet genoeg van gezien heb, maar omdat het een goede basis is voor een dagtrip door de Douro vallei.

Het lijkt waarschijnlijk alsof ik heel snel reis en weinig rust pak, maar dat valt mee. Zowel de afstanden als de steden zijn hier klein, dus ik heb genoeg tijd over om op mijn luie kont te zitten. Nu nog een nacht goed slapen..



Reacties

Het is alweer even stil hier. Er gebeurde nogal veel en ik schreef daar vooral niet over. Vorige week had ik gewoonweg geen tijd. Ik sliep ergens tussen de 6 en 2 uur per nacht en hield mezelf staande met koffie (dat kan heel goed als kruidentheeleut). Gevalletje 'doe je dit nog even voor je vakantie?'. Die vakantie werd hard verdiend dus. En nu keihard genoten.

De eerste dagen bracht ik door in Porto. Intens moe en met mijn hoofd nog vol was de stad niet helemaal aan mij besteed. Dag één was Pinksterzondag, met als voordeel dat ik een stukje van de mis zag in een klein kerkje dat zowat uit zijn voegen barstte. Indrukwekkend. Het nadeel was een stille stad, zonder veel leven. De charme van de stad ontging me. De dag erna ging ik dan ook de stad uit. Ik liep naar de overkant van de Douro en ging hardlopend naar de zee. Daar klauterde ik de stenen af naar een verlaten baaitje en stapte met mijn rug naar de rest van de wereld met mijn voeten in het steenkoude water. Wat een rust, heerlijk! Ik besloot dat ik Porto vooral mooi vind vanaf de overkant. Ongepland bracht ik de avond ook daar door, want er moest port geproefd en wijn gedronken worden met kamergenootjes uit het hostel. Gezellig was het dus zeker wel. Compleet rozig dook ik op tijd mijn bedje in. 

Vandaag liet ik Porto achter me. Ik pakte de trein naar Braga en miste daar mijn bus. Miscommunicatie is makkelijk hier, maar het was helemaal prima, want nu had ik een paar uur om rond te kijken. Met een overschot aan barokke kerken en een Romeins badhuis vermaakte ik me wel even. Daarna pakte ik alsnog een bus die mij door de groene heuvels naar Campo do Gerês bracht. En daar zit ik nu. Het tentje staat, het biertje smaakt goed en de bergen van Peneda-Gerês zien er uit alsof ik me er wel twee dagen kan vermaken. Langzaam begint mijn energie terug te komen, dus het genieten kan nu echt beginnen.



Reacties

In een koffietentje met mijn laptopje, een chai latte, een biologische yoghurt met granola voor mijn neus en knallen. Zo zien mijn vrijdagen er uit. En de laatste tijd steeds vaker ook een dagdeel van de zaterdag of zondag.

Om het gevormde beeld iets bij te stellen: ik heb een HP en de chai latte wordt snel ingeruild voor liters thee. Eveneens zit er geen knotje bovenop mijn hoofd. Dat terzijde.

Februari was een drukke maand en af en toe een ochtendje werken in het weekend leek mij een goede manier om hier mee om te gaan. Perfect te verantwoorden ook, want mijn vrijdagen zijn door mijn fysio vaak maar halve dagen. Het werkte ook goed. Doordat het ‘extra’ uren waren voelde ik geen tijdsdruk en schreef ik makkelijker. Bovendien ging ik ergens werken waar mensen mij thee en een lekkere lunch kwamen brengen. Hartstikke weekend toch?

Nou verwacht je wellicht dat dit stukje zich vervolgd met een verhaal over hoe het verkeerd uitpakte en dergelijke. Maar nee. De drukke periode ging voorbij. Ik werkte een weekend niet en vond dat wel prima. Ik werkte nog wat weekenden niet en er kwamen wat vrije dagen tussendoor. En toen stak het de kop op: het schuldgevoel.

Ook al hoef ik niet perse in het weekend te werken om een deadline te halen, ik kan toch prima een ochtendje werken als ik daarmee sneller mijn werk aflever? Sneller het een klaar, betekent sneller aan het volgende beginnen, betekent meer onderzoek in vier jaar kunnen proppen.

Ik gooide het schuldgevoel in de groep tijdens de koffiepauze en werd voor gek verklaard door mijn collega’s. Precies de reactie die ik wilde hebben. Even een reality check. Aan de andere kant weet ik dat een andere groep collega’s me volledig begrepen zou hebben. Het is geen raar fenomeen onder PhD’s. Alleen misschien wel voor een Nederlander in haar tweede jaar.

Over twee weken ga ik op vakantie. Drieënhalve week. Ik werkte gistermiddag even een paar uurtjes. Ik deed een nieuwe versie van een paper de deur uit. Toch weer een stukje schuldgevoel afgekocht.


Reacties

Wat zou het toch heerlijk zijn als wat je opschreef ook meteen waarheid zou worden. Dat je schrijft dat je iets loslaat en het dan ook lukt. In plaats daarvan sliep ik nog een nachtje slecht en verpestte het nog een paar keer mijn humeur. Want zelfs al weet ik dat het beter voor mij is als ik los laat, dat de vriendschap sowieso wel eens niet zo goed voor mij zou kunnen zijn, het idee dat ík losgelaten word, vind ik maar wat vervelend. Laat staan op deze manier.

Het betekent dat er iemand minder in de wereld is die mij een leuk mens vindt. Iemand erbij die mij liever kwijt dan rijk is. Dat gaat niet zo goed in mijn hoofd. Veroorzaakt allemaal reacties ter voorkoming van. Het liefst zou ik praten, praten, praten. Overtuigen en laten inzien dat het niet in perspectief staat. Onredelijk is. Praten totdat alles weer klopt. Reactie is niet nodig, luisteren en begrijpen wel.

Ik weet dat het niet zo werkt, maar ik moet hard werken om mezelf tegen te houden. Niet alleen nu. Het is mijn modus operandi in conflicten. Wat het me brengt? Geen begrip, geen voldoening, alleen een lamgeslagen toehoorder. 

Ik wil zo graag loslaten. Bepaalde mensen en hun oordelen. Mijn onproductieve gewoonten, ongefundeerde gevoelens en denkpatronen. Het moeten loslaten.



Reacties

Ik schreef de afgelopen tijd meerdere keren dat het goed met me gaat. Zo vaak zelfs, dat het mezelf bijna irriteerde. Excuus. Hier wat tegengewicht.

De afgelopen twee weken was dat goede gevoel even zoek. Kennelijk was het makkelijk om mij uit mijn balans te krijgen. Stond ik (nog) niet zo stevig in mijn schoenen als ik gewild had. Het was confronterend om te merken. Ik kon er een beetje kwaad op mezelf om worden. Tegelijkertijd wetende dat dat geen zin had. Balanceren is niet voor niets een werkwoord.

Uit balans dus. Bij mij betekent dat minder goed voor mezelf zorgen. Qua slaap, qua eten, qua drinken en uiteindelijk ook qua sporten. Ik word inactief en heb de oncontroleerbare neiging minder verstandige keuzes te maken.

Zo ook de afgelopen twee weken. Ik leefde in het moment en negeerde bij vlagen de eventuele consequenties. In dit geval heb ik daar iemand mee gekwetst en daar baal ik flink van. Ik sliep er een ook nachtje slecht van. Maar ik ga mezelf dit niet (langer) kwalijk nemen. Het is nu zo, terugdraaien kan niet. Ik ben niet perfect. I’m only human. En laten we wel wezen; het is andersom ook wel eens gebeurd. Pijnlijk? Ja, dat geloof ik. Onvergeeflijk? In mijn ogen niet. Spijt? Nee.

Ik ga me niet langer een schuldgevoel aan laten praten. Ik ga hier niet in blijven hangen. Ik pak mijn balans terug. Dat ben ik aan mezelf verschuldigd. Hoe de rest verder loopt, zal de tijd me leren.



Reacties

Ik heb de laatste tijd zo af en toe het gevoel dat ik mezelf een beetje opnieuw aan het uitvinden ben. Wat ik belangrijk vind is de afgelopen jaren veranderd of duidelijker geworden en momenteel heb ik alle ruimte om dit te ontdekken en er naar te leven. En dat is leuk! Tegelijkertijd levert het ook vragen naar mezelf op. Waarom vind ik deze dingen nou precies belangrijk? En waar komt dat vandaan? Vragen die ik mezelf stel uit nieuwsgierigheid.

Maar er is ook een vraag uit pure noodzaak: wat heeft er prioriteit? In mijn geval gaat het leven naar wat ik belangrijk vind namelijk gepaard met een verandering in ritme. De nieuw gevonden tijd in de ochtenden vind ik heerlijk en is ondertussen bijna heilig, maar dat betekent dat je in de avond tijd inlevert. Of slaap.

Juist ja. Ik heb er af en toe nog een beetje moeite mee om mijn belangrijke zaken in mijn dag van 24 uur te passen. De gedachte dat één avond een uurtje later naar bed best kan, komt iets te vaak voor. Van een paar avonden op rij een uurtje later naar bed blijk ik me niet fitter te gaan voelen. Om over de wallen nog maar te zwijgen. Hoog tijd om mijn prioriteiten duidelijk te krijgen en verstandigere keuzes te maken dus.

Nadat ik morgen drankjes heb gedaan met collega's.

Voorzie ik zo maar dat ik dinsdag, woensdag en donderdag de tweede helft wel af wil zien.

Maar ik kan volgend weekend best slapend door brengen. Ik word tenslotte ook een jaartje ouder.



Reacties

Jullie bedoelen het vast goed. Als een compliment zelfs. Maar ik kan het niet meer aanhoren. Jullie doen het namelijk allemaal. Goede bekende of net een hand geschud.

'Maar je kunt het hebben.'

Dat weet ik lieve dames. Maar dat komt dus omdat ik níet dat tweede plakje cake pak. En ja, daar denk ik bij na. Nee, ik ben niet op dieet. Nee, je hoeft me niet uit een put te praten. Ik voel me prima over mezelf. Of voelde. Want jullie geven me een onvoldoende. Het oordeel druipt van de reactie af.

'Maar je kunt het hebben.'

Ik voel me bijna verplicht om een meteen nog een derde plakje te pakken. Hoe durf ik na te denken over hoe ongezond zo'n suikerbom is? Ik ben toch zeker slanker dan jullie? Ik hou mijn mond en eet wel.

Ik kan het tenslotte hebben.

 

Tijdens de schrijfcursus schreef ik elke les meerdere columns. Soms vol frustratie, soms over de meest alledaagse, schijnbaar oninteressante dingen. De bovenstaande column schreef ik tijdens de laatste les ruim twee weken geleden. Het kwam voort uit een frustratie die de laatste tijd regelmatig de kop op steekt.

Reacties

Ik schreef begin van dit jaar dat ik zoekende was naar een leuke invulling van mijn vrijgekomen tijd. Ik zette op een rijtje welke facetten van mezelf ik nog wel verder zou willen ontwikkelen, pikte er eentje uit en schreef me meteen maar in voor een cursus. Waarom wachten?

Zo zat ik twee weken na het blogje op de eerste avond van een schrijfcursus, specifiek gericht op columns and blogs. Tien vreemden aan een tafel. Kop koffie of thee en een koekje voor de neus. De eerste opdracht: begin met 'Normaal gesproken maak ik nooit iets mee, maar díe dag...' en maak maar af. Niet schrijvend, maar vertellend. Nu. Go. Slik. Het was voor allemaal even een drempel, maar wel eentje die na wat twijfelen enthousiast over werd gestapt. Iedereen bleek een eigen stijl te hebben en een goede schrijver te zijn. Generatiekloven en overige afstanden werden moeiteloos overbrugd.

Ik leerde veel. Dat ik soms onbedoeld grappig ben (toen ik een oude blog voorlas). Dat je letterlijk overal over kan schrijven (over of het brood al uit de vriezer is). Dat je altijd kunt schrijven, als je er maar voor gaat zitten. Maar ook om meer beeldend te schrijven, meer details toe te voegen om het levendiger te maken en af en toe functioneel te overdrijven.

De laatste van de vier avonden is achter de rug. Door een veel te vol hoofd met bijbehorende pijn was het helaas een beetje een anti-climax voor mij, maar de cursus als geheel was geweldig. We hebben geschaterd van het lachen en brokken in ons keel gehad. Vreemden zijn we zeker niet meer, maar of we elkaar ooit nog tegen komen is nog maar de vraag. Meteen werd er gevraagd naar een vervolgcursus. Ik twijfel of ik dat zou willen. Misschien is het wel goed zo. Ik had tenslotte nog meer facetten opgeschreven.

Reacties
Instagram
Follow
Mailinglist
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl